Als het vriest kan je waterleiding bevriezen. Hoe voorkom je dat?

02-02-2018

De grootste vijand van de waterleiding is tocht. Bij strenge vorst en harde wind dringt de ijskoude lucht door alle gaten en kieren. Zorg daarom dat het niet tocht in de ruimten waar de watermeter, de hoofdkraan en de leidingen zich bevinden. Isoleer de kieren en maak de tochtnaden dicht in de meterruimte. Zorg voor een goed sluitende voordeur. Let er wel op dat de ruimte geventileerd moet worden als er zich ook een gasmeter in bevindt. Isoleer in dat geval alleen de waterleidingen en de watermeter. Isolatiemateriaal is te koop bij een doe-het-zelfzaak of een installatiebedrijf.

Controleer de hoofdkraan op lekken. Sluit de hoofdkraan, open daarna een andere kraan in uw huis en het aftapkraantje bij de hoofdkraan. Vergeet geen emmer onder de aftapkraan te zetten om het water op te vangen. Als de hoofdkraan goed functioneert, stroomt er na verloop van tijd geen water meer uit het aftapkraantje. Vergeet niet na deze proef de geopende kraan en het aftapkraantje te sluiten en pas daarna de hoofdkraan te openen.

Sommige kranen, leidingen en toestellen bevinden zich in onverwarmde ruimten. De buitenkraan gebruikt u bijvoorbeeld om de auto mee te wassen of de tuin te besproeien. Ook de leidingen in schuur en garage zijn niet afdoende beschermd tegen vorst. Deze kranen en leidingen kunt u het best apart afsluiten en aftappen.

Gaat u binnenkort op wintersport of zoekt u juist een warm oord op? Voorkom ook dan dat uw leidingen gaan springen. Verwarm uw woning op een laag pitje. De thermostaat van uw verwarming moet u nooit lager dan tien graden Celsius zetten. Laat alle radiatoren een beetje open staan en tap de leidingen af in onverwarmde ruimten. Nadat u de watertoevoer hebt afgesloten en afgetapt, spoelt u het toilet door en strooit u een handvol zout in de hals van het toilet. De kans op bevroren leidingen is dan uiterst klein.

Kijk ook eens bij onze veel gestelde vragen.